Indien een vertrouwenspersoon op grond van een conflict van plichten c.q. gewetensnood zich genoodzaakt ziet de geheimhoudingsplicht te doorbreken dient de vertrouwenspersoon zich te houden aan de navolgende gedragsregels:
- de vertrouwenspersoon heeft alles in het werk gesteld de toestemming tot doorbreking van de geheimhouding van de melder die zich tot hem heeft gewend te verkrijgen;
- de vertrouwenspersoon dient zich ervan te vergewissen dat er geen andere weg is dan doorbreking van de geheimhouding, na raadpleging van een deskundige, tenzij de spoedeisendheid zich hiertegen verzet;
- het is vrijwel zeker dat het niet-doorbreken van de geheimhouding voor de melder en/of voor derden aanwijsbare en ernstige schade en/of gevaar zal opleveren;
- de vertrouwenspersoon is er vrijwel zeker van dat de doorbreking van de geheimhouding die schade aan de melder en/of derden in belangrijke mate zal voorkomen of beperken;
- de vertrouwenspersoon brengt de melder op de hoogte van het voornemen de geheimhouding te doorbreken alvorens dit daadwerkelijk te doen;
- de vertrouwenspersoon verwijst de melder zo mogelijk naar een andere vertrouwenspersoon binnen of buiten de organisatie.
- de vertrouwenspersoon draagt er zorg voor dat hij de keuze tot doorbreking van de geheimhouding kan motiveren.
Vastgesteld c.q. gewijzigd in de vergadering van de Ledenraad d.d. 13 juni 2025. 006P250613 Protocol doorbreken vertrouwelijkheid – juni 2025